De kinderen uit groep 1 / 2 krijgen geen rapport. Tijdens de gespreksweken voor de groepen 1 / 2, in november en mei, worden de functie- en ontwikkelingsgebieden met u besproken.
De kinderen uit groep 3 krijgen een aangepast Griffioen-rapport.
Vanaf groep 4 hebben wij gekozen voor een beoordelingsrapport in de vorm van een jaarrapportboekje. Dit rapport wordt zo objectief mogelijk ingevuld, d.w.z. dat we kijken hoe het kind vordert met de leerstof van dat leerjaar en hoe de prestaties hierbij zijn. We doen dit om u en uw kind een zo reëel mogelijk beeld te geven van het functioneren op school. Dit is voor sommige kinderen niet altijd even prettig, omdat ze erg hun best doen en toch een t (twijfelachtig) of o (onvoldoende) op hun rapport krijgen. Om deze reden zijn pagina’s voor opmerkingen toegevoegd om het kind een "hart onder de riem te steken".
De leerstof van rekenen en taal is op het rapport in onderdelen uitgesplitst. Bij ieder onderdeel kunt u zien of uw kind de stof: goed, ruim voldoende, voldoende, twijfelachtig of onvoldoende beheerst. Gedrag, werkhouding, luisterhouding, werkverzorging en werktempo worden eveneens beoordeeld.
De leerlingen van de groepen 3 ™ 6 krijgen een letterrapport (G – RV – V – T – O).
De leerlingen van de groepen 7 en 8 krijgen een cijferrapport.Op het rapport staat tevens aangegeven of een kind extra begeleiding ( RT ) op één of meer vakgebieden krijgt. Indien een kind op een aangepast programma werkt, dan wordt dit op het rapport aangegeven. Het kind wordt beoordeeld op de stof die het op dat moment aangeboden krijgt.
Rapportgesprekken
In alle groepen wordt twee- of driemaal per jaar (november, maart/april en in juni (op verzoek) een gesprek met de ouders georganiseerd.
Het gesprek gaat over de vorderingen, die uw kind in zijn ontwikkeling op school maakt.
In de groepen 3 ™ 7 is het gesprek gekoppeld aan het rapport wat de kinderen mee naar huis krijgen.
In groep 8 wordt tweemaal een gesprek gehouden. Hier staat vooral de keuze voor het voortgezet onderwijs centraal.
